Dit zijn de onderwerpen voor de lezingen in het voorjaar van 2026. Je kunt je voor deze lezingen aanmelden via deze pagina.

9 januari: Wolkenkrabbers

De Amerikaanse droom om naar de wolken te reiken komt heel mooi tot uiting in de periode van de Art Deco. Deze wolkenkrabbers verrezen in de jaren 20 en 30 en belichaamden moderniteit en luxe. De iconische gebouwen kenmerkten zich door verticale accenten, geometrische ornamenten, kostbare materialen en weelderige interieurs. Het weerspiegelde de fascinatie voor vooruitgang en technologie. In Art-deco wolkenkrabbers werden innovatieve bouwtechnieken zoals de lift en een ijzeren frame voor het gebouw toegepast. Bekende voorbeelden zoals het Chrysler Building en het Empire State Building bepaalden de skyline van steden. En zo creëerden de architecten blijvende herkenningspunten in de grote steden. Maar ook heden ten dage zijn er wolkenkrabbers die de aandacht verdienen zoals de Torre Agbar van Jean Nouvel, de woon/kantoor gebouwen van Winy Maas aan de Zuidas en de Beekman Tower van Frank Gehry.

23 januari: Winterse taferelen

Nederland houdt van ijspret. Het winterlandschap werd al in de 17e eeuw door schilders als Aert van der Neer en Hendrick Avercamp geschilderd. Nadat schilders in de 19e eeuw hun inspiratie haalden uit deze oude meesters, ontwikkelde het ijsgezicht zich tot een populair genre. Soms met valpartijen, zoals verbeeld door Mari ten Kate. De bekendste schilder van ijsgezichten in die periode was Andreas Schelfhout. In Besneeuwd winterlandschap heeft hij op klein formaat het Hollandse winterlandschap prachtig verbeeld.

Bij de schilders van de Haagse School vinden we mooie taferelen terug van de winterse natuur. Door schilders die ‘en plein air’ schilderden werd de stemming in de natuur op een bijzondere manier verbeeld, zoals Anton Mauve dat deed met zijn schapen in de sneeuw.

6 februari: Zeus en zijn gedaantewisselingen

Zeus stond erom bekend zich te veranderen in verschillende gedaantes om godinnen en sterfelijke vrouwen te verleiden. Hij transformeerde zich in een witte stier om Europa te ontvoeren, in een zwaan om Leda te verleiden, en als koe om de nimf Io te versieren. Als een gouden regen daalde hij bij Danaë zelfs neer vanuit de hemel, zacht als zonlicht, maar onweerstaanbaar krachtig. Zijn metamorfosen waren een weerspiegeling van verlangen, van macht, en soms zelfs van tederheid. Wij zullen diverse kunstwerken met Zeus bewonderen, waaronder één van Michelangelo, van Rembrandt, van Gustave Moreau en vele anderen.

8 mei: Een kunstwerk ter inspiratie voor een nieuw kunstwerk.

Manet liet zich voor zijn beroemde werk Olympia inspireren door de Venus van Urbino van Titiaan. Terwijl Titiaan weer had gekeken naar Giorgione’s slapende Venus. Picasso heeft wel 27 schilderijen en 140 tekeningen gemaakt naar aanleiding van Le Déjeuner sur l’herbe van Manet. En Miró zet een 17e eeuws figuratief schilderij geheel om in kunstwerk in abstracte vormentaal. Monet’s kathedraal van Rouen zet Roy Lichtenstein aan om deze te gebruiken voor een reeks in de Pop Art stijl.

Elsa schiaparelli creëert een kledingstuk als reactie op Dali’s kreeftentelefoon. Zo ook maken Victor en Rolf bijzondere couture naar aanleiding van Vincent van Gogh’s zonnebloemen en korenaren.

22 mei: Het atelier en het model verbeeld

Kees Verwey’s atelier was geen werkplaats; het was een wereld.  We zien een verzameling verfpotten, kwasten en schilderijen in een sfeervolle omgeving.

In sommige ateliers draait het om de kunstenaar zelf.  Achter een ezel of met een palet in de hand, zoals Mondriaan, Velasquez of Judith Leyster dat deed. De andere keer zien we de kunstenaar met het model. Een model kan zo verleidelijk zijn dat de kunstenaar verliefd naar haar portret kijkt. Bij David Oyens was dit het geval.

In het bruisende Parijs van de jaren twintig, waar jazz en schildersdoek elkaar moeiteloos kruisten, verscheen Kiki de Montparnasse als een levende vonk. Voor de kunstenaars van Montparnasse was zij meer dan een model — ze was een icoon, een muze, een belichaming van de vrijheid. En vooral bij Man Ray ontstond iets bijzonders: de foto Le Violon d’Ingres, waarin Kiki’s rug verandert in het silhouet van een instrument.

5 juni: De kunstenaar en hun trouwe metgezellen

Door de geschiedenis heen hebben kunstenaars niet alleen menselijke modellen vastgelegd, maar ook hun huisdieren vereeuwigd.
David Hockney vond zijn muse in zijn teckels Stanley en Boodgie. Zij verschenen herhaaldelijk in zijn schilderijen, schetsen en zelfs in zijn boek Dog Days. Ook Andy Warhol liet zijn teckels Amos en Archie vaak figureren in foto’s, tekeningen en schilderijen, waardoor ze deel werden van zijn iconische popartwereld. Bij Pablo Picasso was het de teckel Lump die regelmatig opduikt in zijn werk en hem inspireerde tot nieuwe vormen en expressies. Henri Matisse hield van zijn katten Minouche, Coussi en La Puce, die vaak aan zijn zijde waren tijdens het schilderen, zelfs wanneer hij vanuit bed werkte. Bij Balthus kregen katten een mysterieuze, symbolische betekenis in zijn werk, mede geïnspireerd door zijn eigen huisdieren. Frida Kahlo had zelfs apen, haarloze Mexicaanse honden, een papegaai en herten. Al deze dieren inspireerden haar tot het maken van hele bijzondere schilderijen.

19 juni: Landschapstuinen

In landschaptuinen komen veel kleine bouwwerken voor, zoals tempeltjes, torens of een hermitage. Deze worden ‘folly’s genoemd.  Wat zijn dat precies en op welke plekken in de tuin komen deze folly’s voor?

We kijken ook naar het verschil tussen een Franse landschapstuin, die van Versailles bijvoorbeeld, en een Engelse tuin met romantische doorkijkjes. Wie waren de belangrijke ontwerpers van landschapstuinen? Ook heden ten dage zijn er een aantal grote namen te noemen op dit gebied. Piet Oudolf is er één van. Hij heeft een eigen huis met tuin ontworpen en heeft tevens de tuin verzorgd van museum Voorlinden! Wat maakt zijn tuinen zo speciaal?